Tom Schouten Wielersport
Dr. Lelykade 272A
2583 CP Scheveningen
Tel. 070 355 61 12

Alpen Brevet, opwarmer voor Alpe d’huZes 2010

Allemaal leuk, het onderstaande over een AAA-klasse-hooggebergtefietstocht als het Alpen Brevet, maar allemaal voor de kat zijn viool! Schouten-klant, ja jij: sponsor mij voor Alpe d’huZes: op 3-6-2010 acht keer omhoog. Ik ga voor minimaal 5.000 euro en ik ga ver en ik ga diep, voor dit goede doel: KWF Kankerbestrijding. Lees minimaal het eind en laat snel weten of je wat wilt bijdragen. Enige vereiste: dat jouw glas niet halfleeg is, maar halfvol.

 

Maar goed, nu eerst over het Alpen Brevet, een geinige opwarmer voor volgend jaar, deze zowat zwaarste eendagstocht die je op de racefiets kunt rijden in het hooggebergte. Vanuit het Zwitserse Meiringen in Berner Oberland mocht ik op 8-8-2009 om 6.45 uur beginnen aan de Platina Tour van 276 km (Grimsel + Nufenen + Lukmanier + Oberalp + Susten = 7031 hm). Je kon ook de Silber Tour van een miezerige 131 km doen (Grimsel + Furka + Susten = 3975 hm) en de Gold Tour van een luttele 172 km (Grimsel + Nufenen + Gotthard + Susten = 5294 hm), maar no guts, no glory! De gruwelijke details van de Platina Tour door ‘the finest Swiss alpine scenery’ zie je op http://www.alpenbrevet.ch/2009/index.php?pid=seite_strecken_platin.php. Een lieve 1500 hm meer dan de Ötztaler Radmarathon en 100 even intense km's meer dan de Marmotte. Van de 1334 finishers reden maar 150 de Platina Tour uit (winnaar: een 17-jarig supertalent).

 

Prijzig, maar super georganiseerd
Al bij het startnummers afhalen viel op hoe goed de Zwitsers hun zaken voor elkaar hebben, alles verloopt vlot en met een warme glimlach. In het tasje zit een chip met rugnummer, aan het stuur vast te maken, een bidon, een zweetband, een lichtgevende band voor in de vele tunnels in de tocht, en nog wat voedsel. Voedsel hoef je verder nauwelijks mee te nemen, want de bevoorradingen zijn plenty in alle opzichten, van bananen tot best dure high-energy gels en Isostar en bouillon en gedroogde vruchten, alles werkelijk top in orde. Mag ook wel voor zo’n 80 euro deelnamegeld, waarvan een deel naar allerlei goede doelen gaat. ALS je finisht, krijg je voor dat geld trouwens zeer goede Craft-beenstukken, en wat pasta en drinken. Je kon ook vooraf intekenen voor een goedkope maar ruime pasta met salade op de avond tevoren en werkelijk prima ontbijt kort voor de tocht. Bij de documentatie vooraf zat ook een noodnummer, verder zou er een bezemwagen zijn en aardig wat mobiele en vaste pechverhelpposten, maar ja, met relatief weinig deelnemers op zo’n lang parcours is de kans wat groter dat je onopgemerkt in the middle of nowhere komt te staan.

 

Eerste doel: schifting halen
Toen de tocht startte regende het net niet, maar zodra we de Grimsel opreden zagen we de buien al hangen. Richting zeer dichte mist schreed de processie voort, meteen serieus klimmen. Ik had gezelschap gevonden van een Belg die 7 uur 15 op de Marmotte had gereden, en ik besloot toch maar bij hem te blijven, want je moet de eerste 87 km afleggen binnen de 4,5 uur om Platina te mogen rijden. Ben je na twee passen klimmen dus niet voor 11.15 uur bij een meetpunt in Airolo, dan mag je de Platina echt niet meer officieel doen. Je moet je chip inleveren en ze trekken hun handen verder van je af, ook geen bevoorrading meer, tenzij je de kortere afstanden gaat doen.

 

Ongewis fietsen
Okee, bij die Belg blijven zolang het gaat, genietend ook van het uitzicht, vooral het stuk tussen de Grimsel en de Nufenen kan zo in een James Bond-film. Van bocht naar bocht omhoog en omhoog, met constant je innerlijke metertjes in de gaten houden. Ga je hier al onopgemerkt in de fout? Moet je dat later gaan bezuren? De kans is groot, maar je weet het nog niet, door de extreme afstand is het allemaal wat ongewis. Zal ik dan maar langzamer gaan, voor de zekerheid, maar dan verlies ik mijn aangename gezelschap, waaronder een bijzonder fitte dame, achter haar billen is het in ieder geval afzien met uitzicht. Ze kijkt wel heel stuurs, terwijl ze toch ook naar mijn billen mag kijken!

 

Duister dalen
Boven op de eerste top is het zo ongekend mistig, dat ik me in de afdaling werkelijk op de strepen op de weg moet richten, nooit eerder zo ongewis gedaald, wederzijds schrikken van tegemoetkomende koplampen, waar is Obi Wan Kenobi met zijn ‘just use the Force’? Behoedzaam omlaag, maar wel vaart houden, want die 11.15 uur moet gehaald worden: meetpunt Airolo. Al met al heel intens, je bent echt blij dat je de mist verlaat, ook omdat je dan minder natte plekken op het wegdek ziet, pff, alles wat ik aan ervaring heb opgebouwd komt hier goed van pas. 

 

Stomme fout
Zelfde verhaal voor de tweede berg, gespannen, ingespannen, superfocus, heerlijk gevoel  om dan een half uur voor de uiterste schiftingstijd in Airolo te arriveren! Dat moet gevierd worden, ik flirt met de sexy sportgel-dame (extra shot testosteron!) en merk dus niet op tijd dat er net een groepje vertrekt, terwijl er een redelijk vlak tot iets dalend stuk vallei aankomt, en dat blijkt iets van 40 km lang te zijn en de wind staat tegen... Súperstom dat ik dat groepje zonder mij laat vertrekken. Ik vecht een kleine half uur lang om er weer bij te komen en weet dat ik hier teveel energie zit te verspelen. ‘Tsja, dit zijn de momenten waar het om gaat, domme wielertoerist, die vrouwen worden je ondergang nog eens.’

 

Gegokt en toch pech
Bij de volgende bevoorrading zie ik dat een groepje aanstalten maakt om te vertrekken. Ik gok: supersnel bidons bijvullen, eten heb ik nog genoeg, ook al rust ik nul komma nul, toch kies ik voor het groepje, en zo gaan we gezamenlijk richting col 3, de Lukmanier. De helft moet er al vroeg af en de helft stoomt door, ik zit daar weer tussen, toch weer alleen. Halverwege de klim haalt ene Sjors me bij, reed de Marmotte pas ook al in 7.15 en zwoer na een vorige Alpen Brevet nooit meer te gaan fietsen. Best gezellig in de constante regen rijden we tot de top, alles in de mist en fijne regen, we peuzelen om de 50 meter een eenzame fietser op en dan… op 1 km voor de top breekt zomaar een spaak in mijn voorwiel, klote-Campa. Zitten weinig spaken in zo’n Neutron, dus hij slingert vervaarlijk, hoe moet dat in de haarspelden afdaling met een sterk slingerend voorwiel?

 

Vertrouwen op de Heere
Op de top zou een reparatiepunt moeten zijn, maar de man kan niets doen, te aparte spaken. En ik moet nog 110 km… Ik heb dus nu twee keuzes: 1) stoppen en de nooddienst bellen: haal me maar op, of 2) zien of en hoe het wiel zich houdt in de afdaling en kijken of ik de resterende 110 km toch nog door zou kunnen komen, want een gedeelte is klimmen en dat gaat wel met slingerend wiel. Ai, afdalen blijkt gevaarlijk, als er maar niet nog een spaak breekt in een bocht of zo, ik kan op vele punten grandioos de diepte in, niet harder dan met 20-25 omlaag, elk bobbeltje is billen knijpen en vertrouwen op de Heere.

 

En dan: een engel!
Maar dan zo’n gebeurtenis waardoor je (extra) in God gaat geloven. Onder aan de afdaling staat rechts van de weg een Duitse auto en daarachter een jongen met een voorwiel te zwaaien! Verbouwereerd stop ik en deze Dieter redt mijn dag. ‘Mann, ik zag je zo afdalen, levensgevaarlijk, hier, leen dit wiel van me en ik krijg het aan de finish wel weer terug. Ik begeleid mijn vriendje, die rijdt net voor je.’ Ik ben al getrouwd, maar kan mijn geluk niet op en met zo’n fantastisch voorteken weet ik het zeker: ik ga deze tocht uitrijden, al is het om Dieters wiel netjes terug te kunnen geven. Oké, de moraal is dus goed, maar de benen beginnen erg zuur aan te voelen en wellicht begint ook de afgelopen stress te tellen. Ik klamp aan bij de Belg uit het begin, samen klimmen we zwijgend naar de top van berg 4, de Oberalp. Wederom mistig en regen, voorzichtig afdalen, weer zie je niet van tevoren hoe de bochten lopen en weer alles nat.

 

‘Hoe hoog is dit kolereding eigenlijk?’
En dan begint de laatste klim: de Süsten, 22 km vrijwel zonder bochten, steeds maar rechtdoor, en de laatste 10 km tegen de 9% gemiddeld, en dat na 220 km. Na een paar km laat ik de Belg gaan: Sam, vandaag gewoon netjes uitrijden, niet gaan lopen jagen. Maar juist nu blijkt alleen klimmen toch zwaarder dan in gezelschap, het blijft maar omhooggaan, hoe hoog is dit kolereding eigenlijk, ai, nog 1200 hoogtemeters. Ik fiets nu alleen op mijn hoogtemeter: steeds óp naar de volgende 50 hoogtemeters, steeds 40 zittend en 10 staand, eindeloos, hoe sterk is deze eenzame fietser nog? Net als ik ernstig twijfel, zie ik iets positiefs: steeds meer mensen die het ‘mooi’ nog zwaarder dan ik hebben. Dat geeft moraal, maar ik ben maar wát blij als ik ein-de-lijk boven ben.

 

Kramp voorkomen en vlot een beetje
Yahoo, ik haal dit, nou niet gek laten maken, snel naar huis sms’sen: ‘over 45 min ben ik er’ (worden 75 min…), behoudend blijven rijden, genoeg geluk ‘gehad’, en intens hopen dat Dieter zijn wiel onderweg niet meer nodig heeft voor zijn vriend. Zou ik het dan inderdaad weer afstaan? In de afdaling word ik ingehaald door twee kanonskogels zonder vrouw en kinderen thuis. Mm, gekrenkt ego motiveert toch om een trap harder te doen en ik begin te rekenen, wel leuk als ik onder de 12 uur 30 blijf, toch ook net meer dan 22 km uur gemiddeld, moet lukken, want ik daal vast boven de 60 km per uur? Geen idee, met dat nieuwe voorwiel, hulde aan elke Ksyrium, maar er zit geen magneet in. Ai, daar komen weer bochtjes omhoog, hup, vaart houden, maar verboden kramp te krijgen, gewoon doseren en aankomen, Sam!

Heerlijk finishen
Als dan eindelijk het bordje Meiringen 1 km komt, is het nog maar een bochten door het dorp en de speaker roept mijn naam, mijn vrouw gilt gelukkig diezelfde naam, wat is het heerlijk om na zo’n tocht je gezinnetje in de armen te vallen! Eindelijk zien ze eens live waar ik al die tijd zo voor getraind en geleefd heb, ze begrijpen eindelijk wat het is. Een lachende Dieter slaat me op de schouder, en ik ben hem superdankbaar, had ik het zonder hem volbracht? Nog een heuglijk beeld tot slot: de superstuurse dame met mooie billen uit het begin komt over de finish en lacht grandioos ontspannen, van oor tot oor, duim omhoog, práchtig!

 

En vanaf nu kan ik alles aan
Alpe d’huZes 2010 wordt een makkie (zie helemaal boven aan dit stukkie). Sponsor je ook? Elk tientje is welkom! Doe het als je net als de organisatoren en ik gelooft in de haalbaarheid van onbereikbare doelen. Het lef dat de VS ook hadden met het project ‘man op de maan’. Nu is het doel: we maken van kanker een chronische ziekte, momenteel ook zo’n ‘onbereikbaar doel’, maar dat maken wíj wel uit, het glas is halfvol en Einstein zei al zoiets: elke vooruitgang begon bij ‘onmogelijk’. Wees trouwens gerust: het antistrijkstokbeleid is streng, elke cent gaat naar KWF, reis en verblijf betalen deelnemers geheel zelf. Kom op, laat die teller oplopen, inmiddels heb ik zelf al 2550 euro bijeen, nog een kleine 2500 erbij. Mijn team heet nu nog We Shall Bovencome (voor 1000 euro word je naamgever), op opgevenisgeenoptie.nl komt ergens in november onze deelnemerssite. Lees ik binnenkort je mailtje? contactm@betertelezen.nl

 

Sam Pitzalis

Toertocht VUELTA

Op zaterdag 29 augustus werd er een unieke toertocht verreden in Drenthe. Voor het eerst in de geschiedenis ging de Ronde van Spanje van start buiten Spanje en wel in het prachtige Assen. Een fotoreportage kunt u vinden via deze en deze link.

99.999 km op de teller.....

Beste Fietsers,

 

Als jullie dit lezen, dan kan het haast niet anders dan dat jullie geïnteresseerd zijn in het werkwoord ‘fietsen’. Zo’n zes jaar geleden ben ik begonnen mezelf voort te bewegen op een racefiets. Het zou, dacht ik, wel even wennen zijn. Wil je een beetje meedoen en erbij horen, dan moet je toch klikpedalen hebben. De angst dat je moeilijkheden zou hebben met het op- en afstappen, was onterecht. De versnellingshendels op het stuur had ik, bekend als man met twee linkerhanden, snel in de vingers. Opgedirkt in een veelkleurige wieleroutfit voelde ik me lid van het fietsersgilde.

Eén van de eerste dingen waar ik mij als kersvers lid voor inschreef, was de Amstel Gold Race. In mijn optimisme schreef ik mij, het oefenen ging wel lekker dacht ik, in voor de langste afstand. Aan het eind van de fietsdag kon ik niet verbergen, dat ik nog maar een aspirant lid van het fietsersgilde mocht heten. Voor m’n gevoel heb ik me een tijdje voortbewogen hoe je normaal gesproken op een racefiets hoort te zitten, voorovergebogen. Het wonderbaarlijke uit de evolutie, aanpassing aan de omstandigheden, is mijn lichaam niet vreemd. Als je regelmatig fietst, komt je lichaam steeds makkelijker in de racehouding. Eigenlijk werkt de fiets als een middeleeuws martelwerktuig, beter bekend als radbraken. Maar dit is een geintje, zoals jullie zullen begrijpen.

Al mijn gereden afstanden, en alle andere relevante toeters en bellen, noteer ik netjes in een spreadsheet. Bij mij werkt het zo, tot op heden, dat de uitkomst van elke periode de lat is die in de volgende periode overtroffen moet worden. Schrik niet, het gaat nog goed met me, de laatste twee jaar heeft de fiets meer dan 20.000 kilometer afgelegd. Zoals het een ware cijferfetisjist betaamt, stelde ik tegen het eind van 2008 vast dat, als ik na de kerstdagen nog 300 km zou rijden, mijn fiets de 100.000 km kon bereiken. Zo gezegd, zo gedaan, althans ik heb me nog ingehouden en heb de teller naar 99.999 km, zie foto, gefietst. Je moet je ook een beetje kunnen beheersen, toch.

Ik wens jullie veel fietsplezier.

Kees van der Zwan.

Try before you die:

Spartaanse Gran Fondo Marco Pantani

Een drie man sterke delegatie van De Spartaan sjeesde op vrijdag 20 juni 2008 per auto over de Alpen richting het Italiaanse gebied onder het drielandenpunt Italië, Zwitserland en Oostenrijk. Het gebied waar zich ook Koning Stelvio bevindt, de hoogste bergpas van Italië. Maar die Stelvio beklimmen was nog maar een vrolijk bijnummertje halverwege de week, want wij - Hans van Werven (toerder, lastig te lossen Horzel), Peter van Beelen (amateur B, de Gesel van de Gavia) en Sam Pitzalis (toerder, ‘maakt van een brandnetel een orchidee’) - zouden onze tanden gaan zetten in een bergcyclo die in Italië wordt beschouwd als de Koningin van de Italiaanse bergcyclo’s: de Gran Fondo Marco Pantani (zie www.gsalpi.it).

Waarom zo’n tocht à la Pantani?

 

Nu doet men in Italië sowieso al sneller aan heiligverklaring dan hier in Nederland, maar was Pantani een bijzondere vogel of niet? Ga maar na: in een tijd dat iedereen aan de epo zat, stak hij er toch maar mooi met geflapoorde kop en schouders bovenuit! Viel hij aan waar anderen het hoofd bogen. Brak hij bergop grote mannen als Jan Ullrich en zelfs Miguel Indurain. Die laatste boog hoogstpersoonlijk het hoofd voor Pantani in 1994, in een etappe die vanuit het bergdorp Aprica zou voeren over drie passen waar elke afgetrainde Italiaanse klimgeit respect voor heeft: de Gavia, de Mortirolo en de Santa Cristina. Laat nu de Gran Fondo Marco Pantani als eerbetoon aan deze tragisch overleden Italiaanse wielerheld voeren over diezelfde passen, langs hetzelfde parcours als toen in 1994…

 

Strakke looks

Enfin, op zaterdagochtend de startnummers gehaald met chip en… het prachtige tricot, namelijk de groene trui van de leider van het bergklassement in de Giro, de Italiaanse bolletjestrui dus. Nu al een collector´s item! Dit shirt en meerdere bevoorradingsposten op de dag zelf voor slechts 35 euro, trouwens! In het bergdorpje hebben uiteraard allerlei winkeliers hun materiaal en kleding uitgestald en het zijn werkelijk allemaal snoepwinkels naast elkaar. Allemaal spul dat je hier niet kan kopen, maar wel wilt hebben. Tegen redelijke prijzen zie je er al bijna zo snel uit als alle Italianen hier: wat zien die gasten er strak en snel uit, allemaal niet te kloppen, zou je zo zeggen, op de nieuwste Pinarello’s, alsof het niets is. Alleen al qua materiaal en kleding rijdt hier de crème de la crème.

 

Ontroerend begin

Op de ochtend van de grote dag zelf is het vroeg opstaan, flink ontbijten, opgelucht zien dat het mooi weer gaat worden, je kleding daarop aanpassen, zorgen dat je niets vergeet en… dat je op tijd aan de start verschijnt, om 7 uur. Als wij inschuiven in ons startvak ´vanaf rugnummer 1000´ is net de vader van Pantani zelf bezig om de organisatie te bedanken voor deze alweer vierde editie van deze cyclo, een prachtig eerbetoon aan zijn bijzondere zoon. Ook moeder Pantani staat er ontroerd en tegelijk blij bij. In de gauwigheid zag ik niet welke celebrities er dit jaar op de eerste rij stonden; misschien inderdaad weer Claudio Chiappucci. Hup in het startvak, zo meteen het vertrek. Serious shit is about to begin. En wat een prachtig moment is dat, om onder luid applaus van toeschouwers te beginnen aan een tocht die we nooit zullen vergeten en die achteraf werd besproken met frases als ´Jezus, echt zwaarder dan zo’n Marmotje!’ en ‘Maria, die Mortirolo, dat was toch gewoon meer dan zes keer de Stockeu achter elkaar en nog wat steiler ook!’ en ‘God, die Santa Cristina erachteraan, dat was van hetzelfde laken een pak, daar reed ik vier per uur!´

 

Vaart, vaart, vaart

Een groot peloton stort zich eerst een kilometer of twintig omlaag en maakt vaart, vaart, vaart, hier is het niveau duidelijk zeer hoog, iedereen is vlijmscherp en staat stijf van de adrenaline, als dat maar niet te hard van stapel gaat. Dat blijkt vanzelf op de Gavia: 17 km lang, 1400 meter hoogteverschil, 8% gemiddeld, maximaal 15%. Ook de renners met praatjes zijn hier acuut stil geworden en wat is er nou mooier dan in een gezamenlijke processie omhoog te kruipen op een berg die in Italië legendarisch is geworden door twee Nederlanders: Johan van der Velde, die in 1988 bijna bloot alleen de top bereikte en daar bevangen door de kou in een busje stapte, en Erik Breukink, die in die absoluut helse omstandigheden de etappe won. Gewoon zijn mooiste overwinning ooit!

 

Na het paradijs komt de hel

De Gavia af is een paradijs voor de goede dalers onder ons, schitterende flanken, prachtige bochten, zeer hoge snelheden, sommige stukken gevaarlijk tot het bot, don´t try this at home! Een kilometer of 30 verder ligt het kuurdorpje Bormio en daar sla je linksaf, voor veertig kilometer door de vallei, tot een dorpje Mazzo, waar de klim van de Mortirolo begint: 12,5 km, 1300 m, gemiddeld 10,5%, max. 18%. Als je dat weggetje met de auto doet, heb je op sommige stukken het gevoel dat je in een kurkentrekker zit: hier is het kilometers lang niet alleen staan op de pedalen, maar hopen dat je trapje voor trapje hoger kunt komen zonder af te moeten stappen. Iedereen met iets zwaarder dan 34x26 is ook voor Italianen een hele grote en vooral een domme jongen. Denk vooral dat het wel zal meevallen of dat je magisch krachten hebt, je gaat een van de sukkels zijn die het hoofd diep gaan buigen. Je hoofd buigen mag sowieso wel even op kilometer acht, waar een monument voor Pantani op de rotsen is aangebracht. Ontroerende spandoeken en dankbetuigingen voor de Piraat maken er een indrukwekkende plek van.

 

Al je vermogens tegelijk

Op de top van de Mortirolo lonkt een van de uitgebreide bevoorradingen en dénk je dat er nu wel een afdaling richting het startdorp Aprica komt, maar het gaat weer omhoog en wat omlaag, maar ook steeds weer omhoog, terwijl je zo graag de beentjes wat rust zou willen gunnen. Gelukkig vergoedt de intimiteit van dit weggetje veel, het is er zo mooi en soms zo weids en dan weer door bomen omsloten, met her en der prachtige groene weitjes, en dan weer een stuk dat doet denken aan de Efteling-attractie Droomvlucht, langs aanlokkelijk gelegen restaurantjes, een enkele woning en op het laatst een vlijmscherpe, bijzonder technische afdaling waar je al je fiets- en stuurvermogens moet inzetten om het tot een goed einde te brengen. Zat je net op je toppen te klimmen, nu daal je op maximale intensiteit en… krijg je vlak voor de finish nog een anderhalve kilometer klimmen voor je wielen. En dat is dan pas de finish als je de middenafstand doet.

 

Krampopwekkend toetje

Ga je op deze tocht voor de hoogste glorie, de langste afstand van 172 km (4000 m hoogteverschil), dan kun je tussen het applaudisserende publiek beslissen om toch niet bevrijdend rechtdoor te fietsen, richting massagetafel en topless bediening, maar nog 20 kilometer eraan vast te knopen. Daarin krijg je eerst een poederstuivende volle-bak-afdaling van een paar kilometer en dan toch nog eens zeven kilometer van net iets minder dan het kaliber Mortirolo. De maten van Santa Cristina, heerlijk na 160 km zware koers: 600 hoogtemeters in 7 km, gemiddeld 8,5%, max. 16%. Het zijn kilometers waarin velen serieuze krampaanvalletjes beginnen te krijgen en waar de wanhoop ook kan toeslaan omdat er opeens geen kilometerbordjes meer zijn. Wat kan een kilometer dan lang zijn. Gelukkig is daar dan eindelijk toch een zalig bordje met ‘nog 1 km’ en ja, daar bij die bocht staat een camper, met mensen gezellig op een klapstoel; daar ergens moet de top toch zijn, in godsnaam, anders sla ik die relaxte mensen allemaal in elkaar. Ze hebben mazzel, gelukkig, het is voorbij, nooit meer zo´n tocht voor mij, dit is teveel.

 

Weer snel een haantje

Pff, afdalen maar en wacht eens even, als ik de gang erin zet, ga ik hier nog een relatieve supertijd rijden ook, jagen jagen jagen in de afdaling, bijna precies dezelfde weg als in de afdaling van de Mortirolo en hup, in het wiel bij nog een snellere daler dan ik, vlak door de bochten, gewicht laag houden, naar voren leunen in de bochten, slim op- en afschakelen, dit is pas fietsen, ik ben one mean fietsmachine, rondemiss, schatje, ik kom eraan, de mensen klappen, ik jank zowat van geluk en pijn en ontroering tegelijk en eenmaal over die bevrijdende finish slaan alle spieren in mijn dijbenen aan het krampen: interessante anatomische les voor de omstanders. Verschrikkelijk! Volgend jaar weer! Wie gaat er dan mee? Het Spartaanse record staat voorlopig op 7 uur 8 minuten 52. Try before you die!

 

Sam Pitzalis

 

 

 

TransAm: bikerace dwars door de V.S. 

Van 16 juni tot 24 augustus 2007 fietste ik de TransAm, een van de zwaarste georganiseerde meerdaagse bikeraces ter wereld. De tocht voert door 12 staten van Yorktown (Virginia) aan de Atlantische Oceaan naar Florence of Astoria (Oregon) aan de Grote Oceaan, dwars door de V.S. Hierbij moet een afstand van totaal 7200km worden afgelegd. Dit jaar deden zo'n 50 man (vrouw) mee aan deze beproeving die geheel op eigen kracht moet worden volbracht. Dit wil zeggen dat je ook je overnachtingen en het verzorgen van de inwendige en uitwendige mens zelf  moet regelen. Omdat de V.S. in het geheel niet is ingesteld op fietsers, is fietsen in groepen zwaar af te raden. Dit betekende in de praktijk dus bijna altijd alleen rijden met je snufferd in de wind. Wieltjes plakken was er echt niet bij. Voor de Amerikaan is de weg immers het domein van de auto. Fietsen met een achteruitkijkspiegeltje, een artikel waar je je hier echt onsterfelijk belachelijk mee zou maken, is daar echt van levensbelang gebleken.

Na 66 dagen fietsen door een zeer afwisselende natuur van vaak onbeschrijfelijke schoonheid bereikte ik de andere kant.

66 dagen, waarbij ik soms verschillende jaargetijden op een dag meemaakte. De eerste weken verliepen met temperaturen tot 40 graden bij een luchtvochtigheid van soms 80%. Vanwege deze omstandigheden reed ik een schema van 5.00u. 's ochtends tot uiterlijk 13.00u. 's middags, daarna was het gewoon niet meer te doen. Na veel op en af in de Appalachians aan de oostkant van de V.S. met soms belachelijke percentages van 16-18 % volgde, na het oversteken van de Mississippi river, het gelukkig iets minder venijnige Ozarksgebergte en daarna het vlakke Kansas. Hier fietste ik vanaf Rush Center een weg van, geloof het of niet 450 miles, in een kaarsrechte streep naar Pueblo Colorado (Hier werd wel m'n fiets nog ff gejat, maar als door een wonder kwam 'ie, door een perfecte samenwerking van journalistiek en politie, weer boven water, amazing!), aan de voet van de Rocky Mountains. Kansas is eigenlijk een schuin vlak. Op die afstand van 450 miles fietsen we van 700m naar een hoogte van 1500m, eigenlijk de langste beklimming die ik ooit gedaan heb zonder er ook maar iets van gemerkt te hebben, bizar toch. 

Dan de Rocky Mountains.........Super bergen!!!. In feite fiets je van hoogvlakte naar hoogvlakte met schitterende vergezichten. Gelukkig was hiermee de grote hitte van het begin ook voorbij. De hoogste pas was Mt. Hoosier van maar liefst 3550 m. waar het weer zo'n slordige 5 graden vroor! Toch zijn de Rocky's niet al te zwaar omdat de beklimmingen weliswaar lang, maar niet steiler dan 7% zijn. Ideaal voor als je van klimmen houdt. De Rocky's zijn een ware hoogtestage, omdat je bijna nooit onder de 2000 m. komt. Een echte aanrader voor de 'natuurlijke' rodebloedlichaampjesverzamelaar. Het zoeken naar overnachtingen was een ervaring op zich. Meestal moest onderdak gezocht worden bij scholen, kerkjes en particulieren, hetgeen over het algemeen heel goed lukte. Onvergetelijk waren de hartelijkheid, de hulpvaardigheid van de gemiddelde plattelandsamerikaan en het respect dat ze steeds toonden voor de prestatie waar je mee bezig was. Na registratie in Missoula en alle ontberingen van hitte, storm, overstromingen, rook (bosbranden), kou (natte sneeuw) gelardeerd met tal van hoogtepunten bereikte ik met 62.000 hoogtemeters op de teller (VDO mc 1.0) op 24 augustus gezond en wel de finish. Technisch gezien was er, dankzij het wederom betrouwbare materiaal van 'Tom Schouten wielersport' en natuurlijk mijn eigen gezonde verstand en oplettendheid, praktisch niets mis gegaan.

 

Ik heb deze tocht uitgereden op Continental bandjes (1000km voor het eind voor met achter gewisseld) en slechts EEN, u leest het goed, EEN lekke band. Ook Tom's kleding werkte weer perfect. Ik had in feite alles bij me, spulletjes voor alle weertypes en toch licht en compact!!! Voor meer info over deze tocht:

pspuij@zonnet.nl

mvg. Peter

 

 

TRANS ALP 2007

Inmiddels alweer ruim 2 maanden geleden eindigde de Jeantex Bike Transalp 2007. Na 8 dagen, 628 km en 21.000 hoogtemeters bereikte een groot deel van de gestartte 677 teams (duo’s) de finish in Riva del Garda aan het Gardameer in Italië.

 

De insteek was om onze eerste Transalp (en eerste meerdaagse MTB wedstrijd) voorzichtig te beginnen en ons in de loop van de week te richten op een klassering in de top 100 van het algemene klassement. Het liep echter anders…

 

De eerste dag werd de startvolgorde logischerwijs bepaald door het startnummer wat voor ons betekende dat we op een 384e plek mochten starten. De route van Mittenwald (DUI) naar Reith im Alpbachtal (OOS) voerde over mooie paden en was technisch niet al te moeilijk. Rustig beginnen was het devies en uiteindelijk hebben we ons hieraan gehouden. We verbaasden onzelf dan ook met een 60e plek in deze eerste etappe.

 

De tweede etappe voerde ons naar Mayerhofen en was meteen ook de zwaarste etappe met 85 km en 3400 hm. Een deel van de etappe hadden we een maand eerder al verkend tijdens een trainingsweek. De zwaarste en langste klim (Geiseljoch, 3e klim van de dag) hadden we echter nog niet kunnen doen vanwege tijdgebrek op de bewuste dag… Het bleek voor velen een struikelblok van jewelste maar we hielden goed stand en bereikten de finish als 50e team.

 

Ook de derde etappe hadden we deels verkend en zeker in de eerste (en enige) klim bleek dit tot enig voordeel te geven. De eerste 25 km waren goed te rijden, deels asfalt, deels singletrack. We wisten dat de laatste 4 km van de klim zeer technisch waren en dat we daar dus enigszins voorin moesten zitten. Dit lukte aardig waardoor we in een redelijke positie aan de afdaling (inmiddels in Italië) konden beginnen. De laatste 65 km van de etappe ging het voornamelijk omlaag met af en toe nog een klein en fenijnig klimmetje. Een goede en snelle groep zorgde voor een hoog tempo gedurende deze afdaling met uiteindelijk een 37e plek als gevolg.

 

Etappe 4: 67km/ 3000hm. Opnieuw een perfect opgebouwde race met een eerste klim op “reserve” en een tweede klim in een hoger tempo. Met name in de klim merken we dat er veel terreinwinst te halen valt en zo komen we weer een paar plekken hoger, op een 29e plek, over de finish. Het ging dus steeds beter en er leek zelfs nog enige rek in te zitten!

 

De vijfde etappe was de kortste etappe maar in 51km moesten wel een kleine 2400hm worden overwonnen. Het was echt een “hollandse” etappe met klimmen die enigszins te vergelijken waren met die in de Ardennen maar dan met iets grotere hoogteverschillen. Met een totale tijd van 2 uur en tuim 50 minuten veruit de snelste etappe. Voor ons bleek er nog steeds rek te zitten in onze klassering met een 21e plek in de etappe! Inmiddels zijn we na dag 5 gestegen tot een 34e positie in het klassement.

 

In de zesde etappe bleek dat je in een etappe wedstrijd als de Transalp ook te maken kan krijgen met materiaalpech… Na een goed begin in een technische en steile klim ging het in het eerste stuk afdaling mis. Mijn achterband begaf het ondanks de “no-flat” melk in de band. Er zat een scheur in van een kleine cm waardoor we genoodzaakt waren eerst de buitenband te repareren en vervolgens een binnenband te gebruiken. Het heeft ons in totaal 15 min gekost en 2 km later konden we hier nog eens 15 min bij optellen toen bleek dat de reparatie de eerste keer niet geheel succesvol was verlopen. Verder een mooie etappe en lekker doorgereden maar het oponthoud zorgde voor een uiteindelijke 71e plaats in de etappe waardoor we een paar plaatsen zakten in het klassement tot een 37e positie.

 

De op één na laatste dag hebben we het tijdsverlies van de dag ervoor weer grotendeels goed kunnen maken met een prachtige 23e plek in de langste etappe van de Transalp 2007; 103km/ 3100hm. Wel een etappe met veel asfalt (eerste 85 km!) maar een prachtig slot met bijna 20km single track, voortdurend steil omhoog en omlaag. Slopende etappe maar de 23e plek resulteerde in een 35e positie in het algemeen klassement.

 

De slotetappe was er een met meer kilometers afdaling (ruim 3100m) dan klimkilometers (ruim 2000m) en ons doel was om vooral op een veilige manier het eindstation aan het Gardameer te bereiken. Het begon met een mooie klim waardoor we voor de eerste single track afdaling redelijk voorin zaten. Deze afdaling bleek echter erg technisch te zijn waardoor niet alle hoogtemeters fietsend konden worden afgelegd. De technisch uitmuntende afdalers hadden hier natuurlijk voordeel en we werden dan ook links en rechts redelijk voorbij gereden. In de klim die er op volgde konden we echter weer wat plaatsen goedmaken voordat we aan de allerlaatste afdaling van de Transalp 2007 mochten beginnen. Het slot van de Transalp was zeer goed te rijden en Riva del Garda werd dan ook zonder al te veel kleerscheuren bereikt (letterlijk niet helemaal waar… Niels z’n witte Tom Schouten koersbroek heeft deze etappe niet geheel overleefd).

 

Deze laatste etappe sloten we af op een 43e plek waardoor we uiteindelijk 39e zijn geworden in het algemene klassement van de Jeantex Bike Transalp 2007!

De conclusie van deze week: met een gedegen voorbereiding kunnen eenvoudige hollanders toch goed meekomen in het internationale deelnemersveld van de Transalp! De prachtige routes, het supermooi weer en de gezellige sfeer zorgden voor een zeer succesvolle en mooie week. Dit avontuur is zeker voor herhaling vatbaar!

 

Hartelijke groeten van het Tom Schouten Racing Team,

 

Niels Geise & Joost Veenendaal

 

 

Ontwakingstocht in Driebergen.

zondag 4 maart 2007, Driebergse Tourclub (DTC)

 

Vannmorgen om 7:30 uur was het verzamelen bij ’t Sporthuysch.

Het was nevelig en kil, fris (of was het koud?). Acht personen (Christianne, Daniëlle, Joop, Freek, Willem, Hennie, René en ik) waren gekomen om de tocht te rijden.

Helaas moest Gijs zich vanwege de griep afmelden.

 

 

Vanwege het aantal personen bleek voor het vervoer vier auto’s voldoende te zijn, en dat ging werkelijk perfect! Om 7:45 was ’t Sporthuysch nog gesloten, dus geen koffie, dan maar vertrekken.

 

In Driebergen aangekomen werd in de buurt van de start een parkeerplaats gezocht om ons voor de tocht gereed te maken.

Nadat we er allemaal klaar voor waren reden we naar Rugbyclub Pink Panther. Hier stond de koffie klaar en konden we ons inschrijven.

Rond 9:30 uur gingen wij aan de tocht (100 km) beginnen.

Ondanks de zonnige voorspellingen was het toch fris en stond er best een aardig windje, maaaaaar gelukkig bleef de regen weg! Vanaf het begin zat de vaart er goed in (hierdoor kon ik soms wel het asvalt goed bekijken).

Via o.a. Leusden, Terschuur en Braneveld kwamen wij na 57 km bij onze controlepost.

Hier werd wat koffie gedronken en ook nog een groepsfoto gemaakt (René had een fototoestel bij zich).

 

Na de koffie op voor het tweede gedeelte.

En zo als vaak het geval is, zat ook nu het venijn in de staart.

Na een redelijk vlakke tocht volgde er (eindelijk) een paar klimmetjes waaronder na ca 75 km de beklimming van de Amerongse berg.

Via Amerongen, Leersum en Maarn weer terug naar Driebergen.

Binnen 4 uur werkelijke fietstijd hebben wij de tocht gereden.

Een goed en duidelijk parcours, goede wegen, een schitterende omgeving en een leuke fietsgroep hebben voor een zeer geslaagde tocht gezorgd.

Zeker voor herhaling! Meer foto's staan op onze site..

 

Marijn Schillemans

 

4 uurs estafette te Burgh Haamstede

14 april 2007

 

Op 14 april reden Niels Geise, David Scheele, Rob Ottevanger en Joost Veenendaal een 4 uurs estafette in Zeeland. Dit "West Coast Biking Team" wist als 2e te eindigen op dit stoffige en technisch parcours in de Zeeuwse duinen. Jongens van harte!